Nut en noodzaak regional roaming voor vitale sectoren

business_trendsDe bestaande regional roaming-afspraken zijn adequaat en een uitbreiding naar afspraken over dataverkeer is niet wenselijk. Dit stelt minister Kamp in een brief aan de Tweede Kamer die vandaag wordt besproken in de commissievergadering van het Algemeen overleg telecommunicatie. Belangrijke overweging daarbij is dat eventuele oplossingen langs de weg van regional roaming veel investeringen zullen vergen, waarbij de efficiëntie en effectiviteit veelal te wensen overlaten of waar juist (bestaande) commerciële oplossingen tot beter resultaat kunnen leiden. De minister baseert zich op een rapport van adviesbureau Stratix. De mobiele netwerkbeheerders onderschrijven deze conclusie.

De Nederlandse samenleving maakt volgens de onderzoekers van Stratix in toenemende mate gebruik van mobiele datatoepassingen. Ook binnen de vitale sectoren wordt een groot aantal toepassingen ingezet dat afhankelijk is van mobiele datacommunicatie. Het gebruik van mobiele data binnen de vitale sectoren is de afgelopen jaren toegenomen, en het is te verwachten dat dit nog verder toe zal nemen. De Nederlandse mobiele netwerken kennen een hoge beschikbaarheid, maar uitval van een netwerk blijft altijd mogelijk. Daarmee kunnen processen die van mobiele datacommunicatie afhankelijk zijn, stil komen te liggen.

Omzet M2M-connectiviteit naar sector en ontwikkeling ARPU, wereldwijd, bron: Analysys Mason, 2013

Omzet M2M-connectiviteit naar sector en ontwikkeling ARPU, wereldwijd, bron: Analysys Mason, 2013

Achtergrond

In zijn brief van 7 mei 2013 informeerde minister Kamp de Tweede Kamer reeds over een aantal zaken op het gebied van telecommunicatie, waaronder de afspraken over regional roaming van februari 2013 tussen de drie mobiele netwerkbeheerders (KPN, Vodafone, T-Mobile). Directe aanleiding hiervan was een grote storing van telecommunicatie als gevolg van de brand bij Vodafone in april 2012. De gemaakte afspraken gaan ervan uit dat bij grootschalige uitval van het spraak- of sms-verkeer bij een van deze partijen, dit verkeer tijdelijk door de overige partijen wordt overgenomen. In de brief is nader onderzoek aangekondigd naar de mogelijkheid om ook voor dataverkeer te bezien of regional roamingafspraken gewenst zijn.

Dataverkeer

Bij de regional roaming-afspraken zijn geen afspraken gemaakt over het dataverkeer omdat bij het noodgedwongen overzetten van deze (omvangrijke) verkeersvolumes, capaciteitsproblemen worden voorzien. De vraag is volgens de minister echter of het, in geval van een grootschalige storing, voor sommige datastromen niet van belang is de continuïteit te borgen door uitbreiding van de regional roamingafspraken. Gelet op de maatschappelijke ontwrichting die door uitval van vitale diensten kan ontstaan, is de onderzoeksvraag toegespitst op deze sectoren. Dit onderzoek is onlangs door Stratix opgeleverd. Ten aanzien van regional roaming wijzen de onderzoekers op de kwetsbaarheid dat een deel van het netwerk van de door storing getroffen operator moet blijven functioneren om regional roaming mogelijk te maken. Daarnaast wordt gewezen op de hoge investeringskosten in uitbreiding van netwerkcapaciteit (‘enkele tientallen miljoenen euro’s’) bij een generieke uitbreiding.

Vitale toepassingen

Voor de vitale toepassingen waar de afhankelijkheid van mobiele datacommunicatie het meest evident is, zijn er in veel gevallen al maatregelen getroffen, vaak in de vorm van een apart netwerk (onder andere C2000). Binnen de vitale sectoren is er echter ook een groot aantal ‘iets minder vitale’ toepassingen. Bij deze toepassingen is er vaak wel sprake van een afhankelijkheid van (openbare) mobiele netwerken. Naar aanleiding van diverse incidenten bij de mobiele netwerken hebben de drie grootste mobiele operators recentelijk afspraken gemaakt om elkaars sms- en spraakverkeer bij uitval over te nemen door middel van regional roaming. Deze afspraken gelden vooralsnog echter niet voor dataverkeer.

Oplossingen

Er zijn volgens de onderzoekers verschillende mogelijke oplossingen om de beschikbaarheid van mobiele datacommunicatie te verbeteren, met name voor de vitale sectoren. De hier besproken oplossingen vallen ruwweg uiteen in vier categorieën:

  1. regional roaming voor data, waarbij de operators net als bij spraak en sms ook voor data elkaars verkeer over kunnen nemen;
  2. mechanismen waarmee gebruikers er zelf voor zorgen dat zij van netwerk kunnen wisselen, waardoor datacommunicatie mogelijk blijft bij uitval van een netwerk;
  3. aparte netwerken die ontworpen zijn om een hogere beschikbaarheid te waarborgen, eventueel in combinatie met een lagere capaciteit;
  4. deeloplossingen die de datacommunicatie niet geheel vervangen, maar voor sommige applicaties afdoende kunnen zijn.

Elk van de bovengenoemde oplossingen heeft volgens de onderzoekers een aantal voor- en nadelen.

Regional roaming

Bij regional roaming nemen de operators elkaars verkeer over. Dit mechanisme bestaat al voor spraak en sms, en zou uitgebreid kunnen worden naar data. Hierbij zijn verschillende vormen mogelijk, die echter alle hoge kosten met zich meebrengen.

Zelf zorgen voor wisseling netwerk

Er zijn mechanismen beschikbaar waarmee gebruikers er zelf voor zorgen dat zij van netwerk kunnen wisselen bij uitval van een netwerk, bijvoorbeeld door gebruik van buitenlandse simkaarten of simkaarten die meerdere netwerken ondersteunen (multi-IMSI). Deze oplossingen hebben het voordeel dat de gebruiker zelf kan bepalen welke toepassingen belangrijk genoeg zijn om bijzondere voorzieningen voor te treffen. Dergelijke simkaarten worden in de praktijk reeds ingezet voor M2M-toepassingen. De genoemde oplossingen hebben wel hogere (abonnements-)kosten dan de “gewone” abonnementen.

Aparte netwerken

De meest radicale optie is het inzetten van een volledig gescheiden netwerk, specifiek voor toepassingen die een hoge beschikbaarheid vereisen. Bij dit type oplossing is het mogelijk om de kwaliteit en mogelijkheden van de dienst grotendeels in te richten naar eigen wens. Voorbeelden van dergelijke netwerken zijn C2000, Entropia, en het Mobitex-netwerk van RAM Mobile Data.

Deeloplossingen

Daarnaast zijn er volgens de onderzoekers deeloplossingen die de datacommunicatie niet geheel vervangen, maar voor sommige applicaties afdoende kunnen zijn. Applicaties kunnen bijvoorbeeld in sommige gevallen zo ingericht worden dat zij minder afhankelijk worden van de openbare mobiele netwerken. Dit type oplossing zal volgens de onderzoekers echter slechts in bepaalde gevallen toepasbaar zijn.

Onderzoeksresultaten

    • Uitval van openbare mobiele netwerken zijn (nog) geen grote bedreiging voor vitale sectoren. De Nederlandse samenleving maakt in toenemende mate gebruik van mobiele datatoepassingen. Daar waar consumenten voor een groot deel het mobiele datavolume bepalen, zijn de afhankelijkheden voor deze groep vooralsnog beperkt. Consumenten zijn voor kritieke toepassingen over het algemeen niet afhankelijk van mobiele data, en beschikken vaak over alternatieve (data)communicatiemiddelen. Voor zakelijke toepassingen zijn dergelijke alternatieven vaak echter niet voorhanden, waardoor zakelijke sectoren kwetsbaarder zijn voor uitval van mobiele datacommunicatie.
    • De sectoren waar uitval van telecommunicatie de grootste maatschappelijke gevolgen kan hebben zijn de vitale sectoren. Ook binnen deze sectoren wordt een groot aantal toepassingen ingezet die afhankelijk zijn van mobiele datacommunicatie. Voor de vitale toepassingen waar deze afhankelijkheid het meest evident is, zijn er in veel gevallen al maatregelen getroffen. Binnen de vitale sectoren zijn er echter ook veel ‘iets minder vitale’ toepassingen. Hierbij is nu wel een afhankelijkheid van (openbare) mobiele netwerken.
    • Op dit moment zijn er geen aanwijzingen dat uitval van mobiele datacommunicatie een zware impact heeft op de primaire taken binnen de vitale sectoren. Het is volgens de onderzoekers echter wel aannemelijk dat op termijn dergelijke afhankelijkheden (sluipend) zullen ontstaan, onder andere door de sterke groei in toepassingen, een beperkt bewustzijn van de risico’s van mobiele datacommunicatie, en de sterke onderlinge afhankelijkheid tussen vitale sectoren en toepassingen.
    • Er zijn volgens de onderzoekers voldoende mogelijkheden beschikbaar. Zo worden reeds diensten aangeboden die het mogelijk maken om gebruik te maken van meerdere mobiele netwerken, bijvoorbeeld via buitenlandse simkaarten. Hiermee kan de beschikbaarheid sterk vergroot worden; bij uitval van een netwerk kan immers naar een ander netwerk uitgeweken worden. Daarnaast is het ook mogelijk om gebruik te maken van aparte (dedicated) netwerken, zoals in het geval van C2000. Voor sommige toepassingen kan het probleem van uitval van netwerken daarnaast ook opgelost worden door de toepassing minder afhankelijk te maken van datacommunicatie.
    • Ten opzichte van regional roaming hebben de alternatieve oplossingen het grote voordeel dat per sector of toepassing beoordeeld kan worden welke oplossing het meest geschikt is, en dat de kosten in principe bij de betreffende sectoren worden gelegd. Daardoor kunnen de betreffende gebruikers een eigen afweging maken. In de meeste gevallen is een mechanisme waardoor de toepassing beschikking heeft over meerdere netwerken afdoende; dit levert in principe dezelfde beschikbaarheid als regional roaming. Het gebruik van een buitenlandse sim, multi-IMSI of dual sim is dan ook de meest voor de hand liggende oplossing bij kleine aantallen.
    • Bij grote aantallen (honderdduizenden stuks) ligt het gebruik van een eigen IMSI-reeks (gedeelde MNC) meer voor de hand.  Bij zeer vitale toepassingen kan een apart netwerk een oplossing zijn, vooral indien aangesloten kan worden bij een bestaand netwerk met een bijzonder hoge beschikbaarheid (zoals C2000).
    • Regional roaming is volgens de onderzoekers geen ideale oplossing. Regional roaming voor het dataverkeer van grote aantallen gebruikers zou hoge kosten met zich meebrengen voor de capaciteitsuitbreiding, maar past verder grotendeels binnen de bestaande processen van de operators. Daarentegen zou een regional roaming oplossing, specifiek voor de vitale sectoren, weinig of geen capaciteitsuitbreidingen vereisen. Deze oplossing heeft echter het nadeel dat er complexe administratieve processen ingericht moeten worden, zowel bij de betreffende sectoren als bij de netwerkoperators. Een regional roaming oplossing op basis van prioriteitstelling voor de vitale sectoren zou nog veel meer kosten. Het is waarschijnlijk effectiever om gebruik te maken van de alternatieven die reeds beschikbaar zijn.

Aanbevelingen

De Stratix-onderzoekers komen met drie aanbevelingen.

  • Zet in op bestaande oplossingen. Op basis van de inzichten uit dit onderzoek is het oordeel van Stratix dat regional roaming voor dataverkeer niet de meest efficiënte en effectieve oplossing is voor het opvangen van uitval van mobiele netwerken ten behoeve van vitale toepassingen. Er worden immers diverse oplossingen door de markt geboden die een vergelijkbare of betere beschikbaarheid en functionaliteit bieden dan het geval zou zijn bij regional roaming, en welke ook inzetbaar zijn voor M2M-toepassingen. Doordat gebruikers kunnen kiezen uit een palet van oplossingen hebben zij daarbij bovendien de flexibiliteit om zelf afwegingen te maken ten aanzien van kosten en kwaliteit.
  • Werk aan een betere bewustwording. Met de toenemende afhankelijkheid van mobiele datacommunicatie wordt het steeds belangrijker dat de partijen in de vitale sectoren zich bewust zijn van de bijbehorende risico’s. Mits zij voldoende geïnformeerd zijn, kunnen zij hun eigen afwegingen maken om al dan niet gebruik te maken van de in dit rapport benoemde alternatieven. Daarnaast zou het Ministerie van EZ er bij de operators op aan moeten dringen dat zij duidelijk en transparant communiceren over de risico’s met betrekking tot de beschikbaarheid van hun diensten. Alleen zo kunnen gebruikers een goede afweging maken.
  • Breng de afhankelijkheden beter in kaart. Tenslotte is het sterk aan te bevelen dat het Ministerie (hernieuwd) onderzoek laat doen naar de onderlinge afhankelijkheden van vitale sectoren. Niet alleen zijn de meeste vitale sectoren afhankelijk van telecommunicatienetwerken, maar de telecommunicatienetwerken zijn op hun beurt afhankelijk van elektriciteitsnetwerken en (bij stroomuitval) van transport en levering van olie. Deze onderlinge afhankelijkheden zijn zeer relevant voor de risicoanalyses die binnen elke sector plaatsvinden.

Conclusie

Regional roaming voor dataverkeer is niet de meest efficiënte en effectieve oplossing voor het opvangen van uitval van mobiele netwerken ten behoeve van vitale toepassingen. Er worden immers diverse oplossingen door de markt geboden die een vergelijkbare of betere beschikbaarheid en functionaliteit bieden dan het geval zou zijn bij regional roaming, en welke ook inzetbaar zijn voor M2M-toepassingen. Doordat gebruikers kunnen kiezen uit een palet van oplossingen hebben zij daarbij bovendien de flexibiliteit om zelf afwegingen te maken ten aanzien van kosten en kwaliteit. De minister zal het rapport van Stratix onder de aandacht brengen van de vitale sectoren zodat de verschillende sectoren kennis kunnen nemen van de analyses en genoemde voorbeelden bij de verschillende partijen.

Prioritering van dataverkeer van vitale sectoren is mogelijk bij regional roaming, maar leidt tot omvangrijke kosten door complexe administratieve processen bij zowel de operators als bij de vitale sectoren. Stratix meent dan ook dat regional roaming voor dataverkeer niet de meest efficiënte en effectieve oplossing is voor het opvangen van uitval van mobiele netwerken ten behoeve van vitale toepassingen.

Recent onderzoek uit de EU (Enisa, National Roaming for Resilience, november 2013) ondersteunt de conclusies van Stratix. Het Enisa-onderzoek besteedt meer in algemene zin aandacht aan de mogelijkheid en wenselijkheid van roamingafspraken bij verstoringen. Enisa beveelt lidstaten aan roamingafspraken te maken over spraak- en sms-verkeer en wijst hier op het voorbeeld in ons land. Voor dataverkeer wordt gewezen op het alternatief van wifi-spots, waar vooral consumenten op terug kunnen vallen, en wordt gewezen op het gevaar van overbelasting van de overige netwerken als ook extra dataverkeer moet worden verwerkt. Deze beide elementen, het alternatief van wifi en het gevaar van overbelasting, zijn in de Kamerbrief van 7 mei 2013 aan bod gekomen. Het onderzoek van Enisa laat zien dat Nederland internationaal voorop loopt met de regional roaming-afspraken.

BTG: Verbinding, verbreding en verdieping

Branchevereniging ICT en Telecommunicatie Grootgebruikers (BTG) behartigt de belangen van Nederlandse bedrijven en instellingen door kennis over te dragen en ervaringen uit te wisselen o.a. tijdens events

BTG in beeld en geluid

Expertsessies

Magazine

BTG in Business - Najaar 2021
Lees de laatste editie

Meld je aan voor onze nieuwsbrief!

Op de hoogte blijven van evenementen en het laatste nieuws? Schrijf je dan nu in voor onze nieuwsbrief.
  • Dit veld is bedoeld voor validatiedoeleinden en moet niet worden gewijzigd.