Aragorn Meulendijks is een bekende en bevlogen techfuturist. Toch noemt hij zichzelf geen duider van de toekomst, maar een ‘toekomsthistoricus’. Volgens hem ligt juist in het verleden de sleutel om de toekomst te begrijpen. In zijn presentaties neemt hij zijn publiek mee langs de grote technologische ontwikkelingen die volgens hem de komende decennia onze samenleving fundamenteel zullen veranderen. AI, robotisering, mixed reality, quantumtechnologie en de opkomst van China als technologische supermacht vormen daarbij de rode draad. Maar wie rekent op een puur techgedreven verhaal, komt bedrogen uit. Voor Meulendijks gaat technologie uiteindelijk altijd over mensen.
We vallen meteen midden in het interview, als Meulendijks vertelt dat hij al zijn gesprekken opneemt en in de cloud met behulp van AI verwerkt. “Dat is mijn tweede brein, echt mijn tweede brein. Dat is echt bizar.” Volgens Meulendijks wordt AI pas echt indrukwekkend wanneer het niet alleen losse vragen beantwoordt, maar context opbouwt. Alsof je werkt aan een relatie met een nieuwe collega die je steeds beter leert kennen. “Die dingen worden bijna exponentieel slimmer als ze daadwerkelijk de juiste context op het juiste moment hebben. Dat is echt een bizarre ervaring.”
Hoe zijn we zo geworden?
Terug naar het interview. We willen natuurlijk weten waar zijn bijzondere status als ‘future historian’, oftewel toekomsthistoricus, vandaan komt. Vanuit zijn studie geschiedenis was hij gefascineerd door dezelfde vraag: hoe zijn we geworden wie we vandaag zijn? “Geschiedenis helpt ons begrijpen hoe we hier terecht zijn gekomen”, vertelt hij. “Wanneer je kijkt naar grote maatschappelijke veranderingen, zie je patronen terugkomen. Door die patronen te bestuderen kun je beter begrijpen welke richting nieuwe ontwikkelingen opgaan.”
Na een internationale carrière in de technologiesector, onder meer bij LinkedIn en Oracle, belandde hij in de wereld van startups en opkomende technologieën. Daar ontdekte hij dat zijn kracht niet zozeer lag in het bouwen van technologie, maar in het duiden ervan. Hij bleek in staat complexe innovaties te vertalen naar begrijpelijke verhalen over hun maatschappelijke betekenis. Hij noemt zichzelf bewust geen futurist. “Veel futuristen kijken vooral naar de laatste feature-update of zijn juist theoretische fysici. Ik ben allebei niet.”
Zijn blik komt uit de geschiedenis. Door eerdere golven van technologische verandering te bestuderen, probeert hij signalen te herkennen die iets zeggen over wat nu op ons afkomt. De term toekomsthistoricus dekt voor hem precies die lading. En het sprekerstalent? “Toen ik van de middelbare school kwam, zeiden ze al dat ik later spreker zou worden.”
AI: belangrijker dan het wiel?
Terug naar AI, het onderwerp waar Meulendijks tegenwoordig het meest over spreekt. Zijn fascinatie begon al in 2014, toen hij een blog las van Tim Urban over de ontwikkeling van superintelligente AI. “Ik realiseerde me ineens dat we niet naar een lineaire ontwikkeling kijken, maar naar een exponentiële ontwikkeling. Dat veranderde alles.”
Volgens Meulendijks onderschatten veel mensen hoe moeilijk het voor ons brein is om exponentiële groei te begrijpen. Mensen denken van nature lineair. We verwachten dat morgen ongeveer lijkt op vandaag. Maar technologische ontwikkeling volgt volgens hem een ander patroon. Dat geldt zeker voor AI, omdat de impact ervan zich in een fractie van de tijd over vrijwel alle sectoren verspreidt. AI verandert vrijwel elk onderdeel van ons werk en dagelijks leven.
Voor Meulendijks is juist dat vliegwiel cruciaal. Technologie maakt nieuwe technologie mogelijk, waardoor de versnelling zichzelf versterkt. Denk aan de rekenmachine waarmee je sneller een chip kunt ontwerpen, en aan de chip die vervolgens helpt om nog snellere chips te maken. “Dat is de law of accelerating returns”, zegt hij. “En AI smeert die versnelling ineens uit over vrijwel alles.” Zeker na de introductie van ChatGPT werd dat voor veel mensen tastbaar. Niet omdat AI toen ontstond, maar omdat miljoenen mensen voor het eerst direct konden ervaren wat je ermee kunt.
Tegelijk vindt Meulendijks dat de discussie over AI te vaak blijft hangen in de vraag of we er slimmer of dommer van worden. “Als je zelf helemaal niet meer nadenkt, train je die spier niet.” Volgens hem gaat het om de juiste wisselwerking. “Een bergbeklimmer gebruikt ook tools om verder te komen, maar eerst moet je de basics leren. Pas daarna gebruik je je eigen lichaam, geest én tools tot het maximum van hun potentie.”
Daarom vindt hij dat vooral het onderwijs veel actiever moet nadenken over de juiste integratie van AI. Niet verbieden, maar ook niet gedachteloos omarmen. “Het gaat om de vraag: hoe dan? Wat is de juiste manier? Net zoals je kinderen leert fietsen of zwemmen, moet je ze ook leren hoe ze verantwoord met AI omgaan.”
Robotisering: de tweede golf
Als AI de eerste grote golf is, dan volgt volgens Meulendijks robotisering direct daarna. Hij ziet AI als het digitale brein dat uiteindelijk een fysiek lichaam krijgt. Zodra intelligente systemen niet alleen kunnen denken, maar ook kunnen handelen in de fysieke wereld, ontstaat een nieuwe fase. “Waarom zouden we een systeem dat complexe problemen kan oplossen niet ook fysieke taken laten uitvoeren? De productie van nieuwe robots door robots zal duizenden malen sneller gaan dan bij mensen en generatieve AI op die robots zal zich snel doorontwikkelen.”
De gevolgen daarvan zullen ver reiken. Robotisering raakt niet alleen fabrieken en logistiek. Ook zorg, dienstverlening, infrastructuur en huishoudelijke taken zullen veranderen. Zeker in een vergrijzende samenleving ziet hij robots als een noodzakelijk onderdeel van de oplossing. “Wij krijgen steeds minder jonge mensen en steeds meer ouderen. Technologie wordt daardoor niet alleen aantrekkelijk, maar noodzakelijk.”
Mixed reality als samensmelting van twee werelden
Waar AI en robotica de fysieke wereld veranderen, ziet Meulendijks tegelijkertijd een tegenovergestelde beweging ontstaan: de digitalisering van menselijke ervaringen. Daar komen AR, VR en mixed reality om de hoek kijken. Volgens hem zijn mensen altijd op zoek geweest naar verhalen, avonturen en alternatieve werkelijkheden, denk aan films, boeken en videogames. “Virtual reality is eigenlijk een volgende stap in iets wat we al heel lang doen. We willen ervaringen opdoen die in het echte leven onmogelijk, gevaarlijk of simpelweg onbereikbaar zijn.”
Maar het gaat verder dan entertainment. Virtuele omgevingen worden ook gebruikt voor training, simulatie, onderwijs en industriële toepassingen. Mixed reality ziet hij als de brug tussen beide werelden: een extra digitale laag die over onze fysieke omgeving wordt gelegd. “Zoals onze zintuigen ons vandaag informatie geven over de fysieke wereld, zullen digitale lagen ons straks aanvullende informatie geven over dezelfde werkelijkheid.”
Potentie en misverstanden rond quantumtechnologie
Over quantumtechnologie is Meulendijks genuanceerd. Hij gelooft in het potentieel, maar waarschuwt voor overspannen verwachtingen. “Veel mensen denken dat quantumcomputers simpelweg een miljoen keer sneller zijn dan gewone computers. Dat is niet hoe het werkt.” Hij vergelijkt het met verschillende vervoermiddelen: een auto, vliegtuig en duikboot brengen je niet allemaal sneller naar dezelfde plek, maar geven toegang tot andere routes en bestemmingen. Zo opent quantum vooral deuren naar problemen die klassieke computers nauwelijks kunnen oplossen.
Toch verwacht hij dat AI op sommige terreinen sneller vooruitgang zal boeken dan quantumcomputing. Ontwikkelingen waarvan wetenschappers jarenlang dachten dat ze quantumcomputers vereisten, blijken soms al oplosbaar met moderne AI-systemen. Daarmee wordt volgens hem duidelijk hoe moeilijk het is om de impact van verschillende technologieën afzonderlijk te beoordelen.
Uitdaging rond privacy
Van alle onderwerpen waar hij over spreekt, vindt Meulendijks privacy misschien wel het lastigste. Volgens hem is het onvermijdelijk dat steeds meer gegevens worden verzameld, opgeslagen en geanalyseerd. De vraag is niet óf dat gebeurt, maar hoe we ermee omgaan.
“We gaan niet terug naar een wereld waarin minder data beschikbaar is. De uitdaging is om te bepalen wie toegang krijgt tot die informatie en onder welke voorwaarden. En een good actor, zoals de overheid, kan morgen zomaar een bad actor zijn.”
Tegelijk is hij ervan overtuigd dat toekomstige technologieën gebruikers meer controle kunnen geven over hun digitale identiteit. Denk aan systemen waarbij iemand kan aantonen wie hij is of aan bepaalde voorwaarden voldoet, zonder alle persoonlijke gegevens prijs te geven. Volgens hem is dat een van de belangrijkste maatschappelijke vraagstukken van de komende decennia.
De maatschappelijke impact
Wat opvalt in zijn verhaal is dat hij technologie nooit los ziet van de samenleving. AI, robotisering en digitale werelden zijn volgens hem geen technologische projecten, maar maatschappelijke veranderingen. Dat betekent ook dat onderwijs, politiek en bedrijfsleven moeten leren omgaan met nieuwe realiteiten.
Hij pleit voor een veel bewustere omgang met AI. Niet verbieden, maar ook niet kritiekloos omarmen. “AI, robotisering en mixed reality zullen niet alleen processen veranderen, maar ook werk, onderwijs, zorg, veiligheid en besluitvorming.” Juist daarom moeten bedrijven, bestuurders en beleidsmakers volgens hem voorbij de hype kijken en nu al nadenken over de inrichting van die nieuwe realiteit.
Premature Digital Hype Dissonantie
Een term die regelmatig terugkomt in zijn lezingen is ‘Premature Digital Hype Dissonantie’. Daarmee beschrijft hij het verschijnsel waarbij nieuwe technologieën eerst worden overschat, vervolgens teleurstellen en uiteindelijk alsnog een enorme impact blijken te hebben. Dat zag hij eerder gebeuren bij blockchain, virtual reality en de metaverse. Ook AI zal volgens hem door vergelijkbare fases gaan.
“Op korte termijn overschatten we technologie, op lange termijn onderschatten we haar.” Juist daarom pleit hij ervoor voorbij de hype te kijken en te focussen op de fundamentele ontwikkelingen eronder.
China als technologische supermacht
Onlangs bracht hij een uitgebreid bezoek aan China. Zijn conclusie is even kort als veelzeggend: “De technologie daar is mindblowing. Ik kan het niet anders zeggen.” China ontwikkelt zich volgens hem razendsnel tot de dominante technologische macht van de komende decennia. Hij was onder de indruk van de schaal waarop innovatie plaatsvindt, de snelheid waarmee nieuwe technologie wordt toegepast en de mate waarin overheid, bedrijven en burgers gezamenlijk werken aan technologische vooruitgang.
Vooral op het gebied van robotica ziet hij een enorme voorsprong ontstaan. De motivatie is volgens hem eenvoudig: China bereidt zich actief voor op een vergrijzende samenleving waarin technologie een groot deel van het werk zal moeten overnemen. Volgens Meulendijks ligt daar misschien wel de belangrijkste les voor ons. “In China wordt technologie niet gezien als iets om bang voor te zijn, maar als iets waarmee maatschappelijke problemen opgelost kunnen worden.”
De toekomst begint nu
Voor Meulendijks zijn de grote veranderingen al begonnen. AI, robotisering, mixed reality en nieuwe vormen van digitale samenwerking zijn volgens hem geen voorspellingen, maar ontwikkelingen die nu al zichtbaar zijn. De taak van bedrijven, overheden en burgers is daarom niet om te bepalen óf die toekomst komt, maar hoe ze ermee omgaan. Want wie de toekomst vanuit het verleden benadert, weet: de toekomst ontstaat niet uit het niets. Ze bouwt voort op bestaande patronen, die al lang zichtbaar zijn voor wie bereid is goed te kijken.