Toezicht op artikel 4 van de EU AI Act start per 2 augustus 2026
28 jul 2026Sinds 2 februari 2025 verplicht artikel 4 van de Europese AI-verordening organisaties die AI inzetten om te zorgen voor voldoende kennis en begrip bij medewerkers...
Tijdens het commissiedebat Digitale Infrastructuur en Economie deze week werd pijnlijk duidelijk dat de ambities van het kabinet op het gebied van digitalisering onder druk staan. Kamerleden uit vrijwel alle fracties spraken hun zorgen uit over het ontbreken van structurele investeringen in cruciale digitale infrastructuur, zoals AI-rekenkracht, zeekabels en digitale autonomie.
Aan het debat namen onder meer Sarah El Boujdaini (D66), Barbara Kathmann (GroenLinks-PvdA), Jantine Zwinkels (CDA), Daniël van den Berg (JA21) en Henk Vermeer (BBB) deel, onder voorzitterschap van R.J. Dekker (FVD). De centrale boodschap vanuit de Kamer was helder: de digitale ambities zijn groot, maar zonder financiële onderbouwing blijven ze steken in beleidstaal.
Met name de keuze van het kabinet om niet te investeren in de Europese AI-gigafabrieken en het uitblijven van financiering voor digitale infrastructuur leidde tot stevige kritiek. Kamerleden spraken van “loze ambities” en wezen op het risico dat Nederland zijn positie in de digitale economie verliest.
De discussie rondom de AI-gigafabriek in Rotterdam maakte een breder probleem zichtbaar: het vertrouwen dat de markt dit soort grootschalige infrastructuur zelfstandig zal realiseren, wordt door zowel Kamerleden als marktpartijen betwijfeld. Het debat benadrukte dat juist bij dit soort strategische voorzieningen sprake kan zijn van marktfalen, waarbij publieke regie noodzakelijk is.
Ook onderwerpen als digitale strategische autonomie, betaalbaarheid van internet, zeekabels en de rol van Europese samenwerking (zoals Gaia-X en IPCEI CIS) kwamen uitgebreid aan bod. De rode draad: Nederland dreigt achterop te raken ten opzichte van landen die wél actief investeren in digitale infrastructuur en AI-capaciteit.
Daarnaast riepen provincies via het Interprovinciaal Overleg (IPO) het Rijk op om meer regie te nemen en samen te werken aan een integrale strategie voor digitale infrastructuur en digitale weerbaarheid.
BTG-voorzitter Petra Claessen: “Dit debat laat zien dat Nederland op een kantelpunt staat. Digitale infrastructuur is geen kostenpost, maar een strategische randvoorwaarde voor onze economie en samenleving. Zonder gerichte investeringen en duidelijke regie lopen we het risico dat innovatie, verdienvermogen en digitale autonomie onder druk komen te staan.”
Volgens Claessen is het essentieel dat de overheid een actievere rol neemt: “De aanname dat de markt dit volledig oplost, is in veel gevallen niet realistisch. Juist bij grootschalige digitale infrastructuur zien we dat samenwerking en coördinatie nodig zijn. De overheid kan daarin een belangrijke rol spelen, bijvoorbeeld als launching customer of als regisseur van vraagbundeling.”
BTG pleit al langer voor een integrale aanpak waarin overheid, bedrijfsleven en kennisinstellingen samenwerken:
“We moeten af van versnippering. Alleen door krachten te bundelen – nationaal én Europees – kunnen we bouwen aan een toekomstbestendige digitale infrastructuur. Dat vraagt om visie, samenwerking én investeringsbereidheid.”
Het commissiedebat maakt duidelijk dat de urgentie breed wordt gevoeld. Voor BTG is dit hét signaal om samen ook als branche en redenerend vanuit de triple helix, door te pakken:
“BTG, Connected by Tech; driven for Impact.”